vrijdag 4 september

Alweer de laatste officiële vergadering. In het ochtendprogramma vertellen de VN wat zij in eigen huis doen aan de implementatie van het Verdrag. Aan het woord komen mensen van het departement van economische en sociale zaken, van het hoge commissariaat van de rechten van de mens, van de ontwikkelingsorganisatie UNDP, en UNICEF. Met name de bijdrage van het hoge commissariaat van de rechten van de mens vind ik heel interessant. De spreker zet het Verdrag neer als een nieuwe manier van denken over mensenrechtenverdragen. Hij wijst op de eigen rol die de VN spelen het interpreteren van de artikelen uit het Verdrag. De VN ontwikkelen een soort gereedschapskist die de landen kunnen gebruiken om zelf de artikelen te vertalen naar de eigen praktijk.

Tussen de bedrijven door zetten we de gesprekken met de vertegenwoordigers van de Verenigde Staten voort. Ik blijf blij verrast over de open en positieve opstelling van de delegatie uit de VS.

Marcel Waasdorp van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat was gisteren bij de bijeenkomst over de bebouwde omgeving en toegankelijkheid. Hij gaf de volgende impressie: Global alliance on accessible technologies and environments(GAATES) organiseert en bezoekt internationale bijeenkomsten. GAATES adviseert,op uitnodiging,staten om kennis te verspreiden. Ze adviseren breed over de toegankelijkheid van de openbare ruimte,gebouwen en toegepaste communicatie/ informatietechnologie in gebouwen en buitenomgeving. Steeds vaker worden ze benaderd door projectontwikkelaars, architectenbureaus en overheden. De GAATES-aanpak is naast praktisch vooral filosofisch: het gaat niet om de tekening of het ontwerp, maar om de vertaling van de behoefte en mogelijkheden om infrastructuur in brede zin toegankelijk te maken. Hier is het motto, dat ook architecten zou moeten aanspreken, op zijn plaats: schoonheid ontstaat uit functie en gebruik (kijk naar de vogel waar geen veer te veel aan zit) en niet uit mooidoenerij. Speciale aandacht was er voor uitgankelijkheid met name in geval van calamiteiten.

Aan het eind van de vergadering sluit de voorzitter af met het uitspreken van veel dankwoorden. Hij kenschetst de conferentie als positief. Ook omdat er buiten de vergaderzaal veel contacten zijn gelegd. Hij vroeg het secretariaat van de vergadering de goede voorbeelden die genoemd zijn, te bundelen. Deze en alle nieuwe voorbeelden komen in een dynamische databank die de landen kunnen raadplegen. Een belangrijke vraag die aan het einde werd gesteld is: hoe kunnen wij elkaar blijven(d) versterken? De volgende bijeenkomst staat op de kalender voor volgend jaar september. Over de agenda is nog niets bekend.

Na het sluiten van de conferentie gaan we met de hele delegatie naar de pv om terug te blikken. Maar vooral om afspraken te maken over de verslaglegging. De bedoeling is dat alle hier niet aanwezige departementen ook kennis kunnen nemen van de informatie die we hier in New York bij de VN hebben opgedaan.

Gisteren noemde ik al even de lancering van ‘Making it work’. Eén van de doelstellingen van deze campagne is de ondersteuning van organisaties die zich inzetten voor mensenrechten van mensen met beperkingen op alle niveaus: landen, regio’s, steden en dorpen. Toen ik dit initiatief zag, realiseerde ik me dat er op zoveel fronten tegelijk moet worden gewerkt aan een inclusieve samenleving – zoals door Programma VCP met Agenda 22 al in een aantal gemeenten gebeurt.

Wat ik hier heb kunnen doen is lastig in hele concrete resultaten op een rij te zetten. Het duurt nog even voordat de vruchten hiervan geplukt kunnen worden. Met andere woorden, voordat Nederland geratificeerd heeft. Dat wil niet zeggen dat in de tussentijd niet heel veel gedaan kan worden. U kunt lokaal aan de slag, bijvoorbeeld door gemeenten te informeren over het VN Verdrag en de mogelijkheden die Agenda 22 biedt om nu al aan een inclusieve maatschappij te werken. Dit was alweer de laatste blog vanuit New York. Wie weet tot ziens.

september 4, 2009
By on 23:14
Donderdag 4 september

De dag begint al vroeg met een live radio-interview voor radio 1. De afdeling communicatie van de CG-Raad had de AVRO ingeseind over de conferentie. Gisteren had ik al contact met de redactie van het programma ‘de praktijk’ om de strekking van het interview voor te bespreken. Bij zo’n radio-interview heb je achteraf altijd het idee dat je veel te weinig tijd hebt. Zeker bij dit onderwerp, waar zoveel over te vertellen is. Ik kan kwijt dat ook in Nederland nog veel moet veranderen om gelijke rechten voor mensen met beperkingen te bereiken. En dat deze kabinetsperiode de ratificatie afgerond moet zijn.
Aan het einde van het gesprek breng ik nog naar voren dat alles wat er nodig is om mensen met een beperking deel te laten nemen aan de samenleving, niet een ‘gehandicaptenprobleem’ is, maar inzet van de hele maatschappij vraagt.

Op de agenda van de conferentie staat vandaag het tweede rondetafelgesprek. Deze keer gaat het over handelingsbekwaamheid en ondersteuning bij het maken van beslissingen (de artikelen 12 en 13 van het Verdrag). Ook hier blijkt weer dat veel landen er nog niet uit zijn hoe zij deze artikelen in de praktijk moeten regelen. Welke criteria moeten er gaan gelden om bijvoorbeeld iemand tegen zichzelf in bescherming te nemen? De sprekers in de zaal vroegen nadrukkelijk om meer informatie, praktijkvoorbeelden en richtlijnen. De International Disability Alliance (IDA) deed het voorstel om hier in kleinere werkgroepen verder over na te denken. De woordvoerder van Inclusion International waarschuwt ervoor dat de bestaande regels die niet in overeenstemming zijn met het Verdrag niet zomaar kunnen blijven bestaan door simpelweg een andere naam erop te plakken. Uit artikel 12 volgt dat vrijheidsbeneming omdat iemand een beperking heeft, uitgebannen moet worden. Dat lijkt in een paar landen al gelukt te zijn. In Nederland zijn we nog niet zo ver.
Mijn gevoel na de ochtendvergadering is dat dit onderwerp eigenlijk te moeilijk is om met zoveel delegaties te bespreken. De artikelen 12 en 13 waren al een heet hangijzer tijdens de onderhandelingen 3 jaar geleden. Nu lijken ze de hete brij waar omheen gedraaid wordt.

Gisteren ben ik nog vergeten te melden dat de woordvoerder van Rehabilitation International onderzoeken noemde, waaruit blijkt dat 72% van de doeltreffende aanpassingen helemaal niets kosten. Dat is pas een opsteker!

Later op de dag lezen we de vragen die in de Tweede Kamer zijn gesteld over deze conferentie. De leden van de Kamer willen weten welke vooruitgang er is geboekt en hoe het staat met de Nederlandse ratificatie van het Verdrag en het daarbij horende optionele Protocol. Verder vragen de CDA-kamerleden naar het beleid gericht op mensen met een beperking in het kader van ontwikkelingssamenwerking.

Iets wat me niet alleen vandaag opvalt, maar ook al eerder, is dat internationale organisaties me regelmatig vragen wat wij in Nederland aan internationale activiteiten doen. We worden gemist bij bijeenkomsten, en dat is iets om over na te denken.

De nevenbijeenkomst die ik vandaag bezoek was georganiseerd door de Verenigde Staten (VS). De bijeenkomst is speciaal bedoeld als startpunt voor de samenwerking tussen de Amerikaanse overheid en de verschillende belangenorganisaties. Opvallend is de open discussie tussen belangenorganisaties en de speciale afgezant van president Barack Obama. De VS willen de belangenorganisaties betrekken op weg naar ratificatie. Lokale debatten (townhall meetings) gaan onderdeel uitmaken van het ratificatieproces. Esther herkende deze aanpak die Programma VCP in Nederland ondersteunt. Lokale belangenorganisaties gaan samen met gemeenten in debat om de behoefte aan lokaal inclusief beleid en samenwerking tussen gemeenten en belangenorganisaties bespreekbaar te maken.

Ook in een andere werkgroep ging het over lokaal beleid. Daar werd de campagne ‘Making it work’ gelanceerd. Een initiatief van Handicap International om het Verdrag op lokaal niveau te laten landen.

september 3, 2009
By on 22:30
Woensdag 2 september

Na de officiële opening om 10 uur vanmorgen volgde er een lange en bonte rij van sprekers. Van ministers tot delegatieleiders en ambassadeurs. Eerst kwamen de landen aan de beurt die het Verdrag al geratificeerd hebben. Heel veel landen vertelden over de goede voorbeelden die zij al hebben bereikt. Voorbeelden te over, waarvan ik er een paar wil noemen:

-                  meer kansen voor kinderen om naar school te gaan

-                  nieuwe wetgeving over gelijke behandeling

-                  5 % van de huizen moet beschikbaar zijn voor mensen met beperkingen.

-                  een speciaal instituut voor het volgen van de uitvoering van het verdrag.

Eigenlijk veel te veel om hier op te noemen. Wat mij opviel is dat ook landen die de ratificatie al achter de rug hebben, aangeven dat zij nog een lange weg te gaan hebben. Allemaal benadrukten zij dat het werken aan de nationale uitvoering van het Verdrag nog een proces is van lange adem. Het einddoel, een inclusieve samenleving, vraagt veel inspanningen. In andere landen, zoals Nederland, wil men eerst kijken in hoeverre bestaande wetgeving en beleid voldoen aan de verplichtingen die het Verdrag met zich meebrengt, voordat er geratificeerd wordt. Ik realiseerde me heel goed toen ik al die verhalen hoorde dat Nederland niet het enige land is dat nog niet geratificeerd heeft.

Andere rode draad in de bijdragen van de tientallen landen vond ik de nadruk op gedragsverandering dat nodig is om het Verdrag werkelijk handen en voeten te geven. Verdragen en wetten zijn mooi, maar gedrag, bewustwording en beeldvorming moeten echt veranderen voordat er sprake is van emancipatie.

Heel praktisch kwam International Disability Alliance (IDA) met het voorstel om een VN-fonds op te richten om wereldwijd het Verdrag een impuls te geven.

Het citaat van vanochtend voor mij is dat van senator Monthian Buntan, president van de Thailand Association of the Blind en werkzaam bij de VN. Hij eindigde zijn verhaal met de woorden: “we haven given up on giving up”. Dit laat zien dat er vasthoudendheid nodig is om het Verdrag zo uit te voeren dat er daadwerkelijk sprake is van een inclusieve samenleving.

Tijdens de lunchbijeenkomst stond de rol van belangenorganisaties en het veld en nationale instituten van mensenrechten op de agenda. In artikel 33 van het Verdrag staat dat er een instantie aangewezen moet worden om de uitvoering van het Verdrag in de gaten te houden. Nederland werkt aan een eigen nationaal instituut: het Nationaal Instituut voor de Rechten van de Mens (NIRM). Het NIRM zal belangrijk worden voor het volgen van de uitvoering van het Verdrag in Nederland. Dit instituut zal gegevens moeten verzamelen over de naleving van het Verdrag. Belangenorganisaties van mensen met beperkingen moeten betrokken worden bij het NIRM. Het blijft natuurlijk wel van belang dat alle belangenbehartigers genoeg tijd en mogelijkheden hebben daarnaast hun eigen werk goed te kunnen blijven doen. Ik blijf de ontwikkelingen op de voet volgen.

Roeland Böcker was tussen de middag bij een bijeenkomst georganiseerd door de Verenigde Staten (VS). Uit zijn verhaal begrijp ik dat het heel goed te merken is dat er een andere politieke wind waait in de VS. In de zaal sprak een vertegenwoordiger van president Barack Obama over het belang van mensenrechten voor mensen met een beperking. Wat mij hierin trof was dat er ook in de VS nog veel gedaan moet worden.

Het is opmerkelijk dat er zoveel overeenkomsten zijn tussen Nederland en de VS. We gaan proberen deze week nog een vervolgafspraak met de Amerikanen te maken.

Over de hele wereld moet de omslag van medisch naar sociaal denken nog handen en voeten krijgen.

Een goed voorbeeld van het nieuwe denken is de folder van het mental disability advocacy center (Mdac). De folder legt kort maar krachtig uit hoe landen bestaande wetgeving over handelingsbekwaamheid kunnen aanpassen aan de vereisten van het Verdrag (artikel 12). Wetgeving over ondersteuning aan mensen met bijvoorbeeld verstandelijke beperkingen moet in het vervolg uitgaan van de wensen van de persoon zelf.

De reactie op het weblog van gisteren van meneer van Rooij is eigenlijk met deze bladzijde beantwoord. Nee, het gaat nog lang niet altijd goed en ja het moet allemaal veel sneller. Vandaag heb ik wel ingezien dat Nederland hier niet alleen in staat. Mensen met een beperking over de hele wereld worstelen met de zelfde problemen. Toch goed om hieraan te kunnen werken, denk ik dan.

Tot slot een uitsmijter, waarover wij vandaag verbaasd hebben gelachen; hoe serieus de vraag ook is. Is een rollator een orthopedisch toestel of een soort omgekeerde aanhangwagen? Die vraag staat centraal in een zaak waarin de Rechtbank Haarlem vragen heeft gesteld aan het Hof van Justitie. Het antwoord op deze vraag is cruciaal voor de hoogte van de belasting die moet worden betaald voor de invoer van rollators in de Europese Unie.

En zo zijn er nog veel meer voor nu onbeantwoorde vragen te stellen.


By on 04:50
dinsdag 1 september 2009

Vandaag treffen we voorbereidingen voor de conferentie die morgen begint, zodat we meteen aan de slag kunnen. We beginnen met een bezoek aan de permanente vertegenwoordiging bij de Verenigde Naties van Nederland (pv). De pv is verantwoordelijk voor de delegatie die deze conferentie bij de VN bijwoont. Goed dus om hernieuwd kennis te maken en een paar zaken te regelen. Daarna melden we ons aan bij het kantoor van de VN dat zorgt voor de persoonlijke pasjes die ons toegang geven tot het VN-hoofdkwartier. We sluiten de dag af met een delegatieoverleg. De Nederlandse delegatie is sinds vandaag compleet, en er moeten werkafspraken gemaakt worden. Wie gaat naar welke bijeenkomst? Wie gaat verslagen maken? Hoe brengen we de opgedane kennis terug in de delegatie?

Graag stel ik de delegatieleden kort voor:
Léon Poffé, delegatieleider en projectleider gelijke behandelingsdossiers bij het Ministerie van VWS. Roeland Böcker, (mensenrechten)jurist bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Marcel Waasdorp, jurist toegankelijkheid bij het Ministerie van Verkeer en Waterstaat. De delegatie werkt samen met Hedda Samson, de eerste secretaris bij de pv met mensenrechten in haar portefeuille. Eerste aanspreekpunt voor de delegatie is Ann Groot-Philipps, derde secretaris vanuit de Nederlandse Antilllen bij de pv.

Morgenochtend begint de conferentie met een formele opening. De dagen erna zijn er bijeenkomsten waar de landen hun vragen en ervaringen kunnen uitwisselen. Ondertekenen is één, maar alle wetgeving en beleid zo te maken dat er voldaan wordt aan alle bepalingen van het Verdrag kan iets anders zijn. Daar gaat het de komende dagen om.

Ik ben benieuwd naar ervaringen en verhalen over de plannen en ontwikkelingen sinds de vergadering op 26 augustus 2006, toen na de stemming het Verdrag met veel applaus werd binnengehaald. Ik ben nieuwsgierig naar het aantal EU-landen dat hier bij de conferentie in New York aanwezig zal zijn. België, Duitsland, Oostenrijk en Spanje bijvoorbeeld hebben het Verdrag al geratificeerd. Wat zijn hun goede voorbeelden? Waar lopen zij tegenaan? Binnen de EU wordt immers ook gewerkt aan een betere bescherming op het gebied van gelijke behandeling op grond van handicap en chronische ziekte.

Deze conferentie duurt maar een paar dagen. Toch hoop ik uw vragen te kunnen beantwoorden. Dus, heeft u een vraag of een reactie? Reageer op deze blog.

september 2, 2009
By on 03:22
Dag 1

De eerste indrukken van New York wil ik graag met jullie delen. Het is weer een hele aparte ervaring om hier te zijn.

september 1, 2009
By on 17:29
VN weer bijeen over gehandicaptenverdrag

In artikel 40 van het VN-gehandicaptenverdrag staat dat de verdragspartijen regelmatig bij elkaar moeten komen om de vorderingen in de diverse landen te bespreken. Van 2 tot 4 september is in New York City de tweede zogenoemde Conference of States Parties.

Tijdens de eerste zijn allerlei procedures afgesproken. Dit jaar gaat het over de inhoud. Wat doen landen om het Verdrag in eigen land in te voeren? Wat kunnen verschillende landen van elkaar leren? Het programma is vooral gericht op internationale uitwisseling en discussie.

Na de onderhandelingen destijds is er nu dus echt een nieuwe fase aangebroken. Het ministerie van VWS heeft aan de VGPN gevraagd om een vertegenwoordiger uit het ‘veld’ mee te sturen naar de conferentie.

Marianne Kroes, die werkt als jurist bij de CG-Raad, zal vanaf dinsdag 2 september via dit weblog vertellen wat er allemaal in het hoofdkwartier van de Verenigde Naties gebeurt. Zij wordt daarbij geholpen door Esther de Boer die bij het Programma VCP op de afdeling communicatie werkt.

augustus 31, 2009
By on 08:59
Applaus

Download nyc9_031.avi

augustus 26, 2006
By on 17:21
We hebben een verdrag!

WE HEBBEN EEN VERDRAG!

De hele vrijdag was zenuwslopend. Wel een verdrag, of toch teveel problemen? Maar vanavond om 8 uur kon de tekst van het mensenrechtenverdrag voor mensen met (functie)beperkingen worden vastgesteld!

De voorzitter van de Algemene Vergadering van de Verenigende Naties, Jan Eliasson, kwam zelf naar de zaal om dit historische moment mee te maken. Er is wat afgeklapt bij alle bedankjes die uitgedeeld werden.

In de middag verhuisde de hele vergadering naar een andere zaal. De geruchten gonsden door de wandelgangen. De zaal waar we zaten was prima maar beschikte niet over de apparatuur om stemmingen te kunnen houden. En er zou gestemd moeten gaan worden. Maar waarover dan? Alle artikelen waren tot nu toe zonder stemming unaniem akkoord. Het bleek later te gaan om de kwestie van de bezette gebieden. De Verenigde Staten konden zich samen met Israël niet vinden in het opnemen van deze term in één van de beginteksten.

Nadat alle artikelen waren afgehamerd bleef dit dus nog open.

Sommige van onze collega’s hier hadden buikpijn van de zenuwen. Vooral voor alle mensen van NGO’s in de International Disability Caucus (IDC) is het op zo’n laatste dag alleen maar wachten op de uitkomsten van de overleggen. Als delegatie kan je al niet veel doen. Je weet dat hoge meneren en mevrouwen aan het onderhandelen zijn, maar wij krijgen dan steeds een tussenstand. Ondertussen waren we in de zaal wel nog bezig met inhoudelijke zaken die moesten worden gedaan.

De aanduiding van de doelgroep van het verdrag is zonder problemen door de vergadering gekomen. Er is geen definitie van ‘disability.’ Wel komt er in het artikel dat gaat over het doel van het verdrag, het garanderen van mensenrechten en fundamentele vrijheden, een indicatie voor wie dit verdrag in ieder geval gaat gelden. Er zijn hierover uiteraard veel meer details te melden, maar dat volgt in een later verslag.

In de slotvergadering waarin het officiële verslag van het Ad Hoc Comité werd vastgesteld werd gestemd. Het verzoek van enkele landen om de preambule (begintekst) met de woorden ‘bezette gebieden’ te verwijderen werd verworpen. Er waren maar vijf stemmen voor. Ook dit wordt dus onderdeel van het verdrag.

Na vandaag gaat er binnen de VN een commissie aan het werk om de tekst echt kloppend te krijgen. Daarna kan de Algemene Vergadering dit najaar al het verdrag formeel vaststellen. Vanaf begin 2007 kunnen staten dan ondertekenen en daarna ratificeren, wat wil zeggen dat de ondertekenende staat aangeeft gebonden te zijn aan deze tekst.

Doordat het proces slopend was en het artikel voor artikel ging, was ik op een gegeven moment best wel laconiek. Ok, het gaat lukken. Maar toen Jan Eliasson Don MacKay bedankte en de tekst echt was, klonk er niet alleen applaus, er werd geroepen, geschreeuwd, mensen die elkaar in de armen vielen, enzovoorts. En ja hoor, daar kwamen toch de tranen. Niet veel maar wel van oprechte vreugde. Mensen met een (functie)beperking zijn mensen met mensenrechten net als ieder ander. Dat wist ik al, maar het staat nu zwart op wit op VN-papier.

De Nederlandse delegatie bestond uit: Regine Aalders (VWS), Wim Bel (SZW), Roeland Böcker (BuZa), Wouter den Ouden (VWS) en Hedda Samson (PV-UN). Het was een ongelooflijk genoegen om met dit team samen te mogen werken aan ons mensenrechtenverdrag. Zonder ‘mijn eigen Esther de Boer’ (PA-VGPN) was dit nooit mogelijk geweest, haar ben ik hééééél erg dankbaar. Ik ga mijn koffers pakken en sluit nu, na problemen te hebben gehad met het internet, de laptop af.


By on 17:18
Nederlandse delegatie

DelegatieBoven: Wouter den Ouden, VWS (l) en Roeland Böcker, Buza (r)

Midden: Marianne Kroes, VGPN (l), Wim Bel, SZW (m), Hedda Samson, PV (r)

Voor: Regine Aalders, VWS

augustus 25, 2006
By on 04:46
We zijn zóó dichtbij

Hou je adem in, maar stik niet! De spanning is echt om te snijden in en buiten de grote zaal. Er zijn weer drie artikelen van de agenda afgevoerd omdat zij met algemene stemmen zijn aangenomen. Het artikel over foltering en onmenselijke behandeling was het eerste. Daarna volgde nog internationale samenwerking (was niet de gemakkelijkste) en de bepaling over het nationaal toezien op de naleving en het naar de praktijk vertalen van het verdrag. Het applaus lijkt per artikel harder te worden. Men wil dit verdrag écht, en vooral dat het een goed verdrag is. Een tekst waarmee alle mensen met (functie)beperkingen van over de hele wereld mee aan de slag kunnen.

Maar … er speelt ook hogere politiek. De wereld is vandaag de dag nu eenmaal verdeeld. Zelfs dit onderwerp kan dat niet verhelpen of verbloemen. Er wordt achter de schermen druk onderhandeld over bewoordingen over de positie van gehandicapten in situaties van gewapend conflict. Natuurlijk zijn er veel meer situaties die bedreigend zijn. Moeten die allemaal genoemd? Moet er een verwijzing naar bezette gebieden? Moet er een verwijzing naar terrorisme? Enzovoorts. Er zal een compromis gevonden moeten worden en wel snel. Het risico is anders dat als sommige landen van mening blijven niet voldoende hun zin te krijgen, zij ook andere- helemaal niet zulke controversiële – onderwerpen blokkeren.

Grote onderwerpen zijn nog de artikelen die rechtstreeks slaan op de positie van vrouwen, het gebruik van het woord ‘gender’, het opnemen van iets als gezondheid(szorg) in relatie tot seks(ualiteit), de toetsing van de rechter bij zaken als bewindvoerderschap, teksten die elke vorm van abortus of euthanasie zouden kunnen uitsluiten etc.

Wij zijn er nog niet. Soms ben ik pessimistisch, soms heel optimistisch. We zijn zóó dichtbij!

Vanmiddag zijn de gespreksrondes onder leiding van Jordanië over de ‘definitie’ afgerond. Eén laatste woordje gaf de doorslag. Er lag een tekst waar lang niet iedereen blij van wordt, maar waar men wel mee kan leven. De voorzitter van dat overleg keek na zijn vraag of er nog tegenstand was door de zaal, zag niemand en hamerde af. Er was een delegatie die ongeveer tegelijkertijd nog wel de hand opstak. Maar de hamer had geklonken. Dit betekent natuurlijk wel dat als dit plenair komt, er toch nog weerstand zal zijn. De tekst die er nu is, staat niet bij de definities. Het is een globale aanduiding van wie onder het bereik van het verdrag vallen. Een aantal beperkingen worden met name genoemd, maar meer in de trant van ‘minimaal geldend voor …’.

Het is niet de bedoeling iemand uit te sluiten. Ook de wisselwerking tussen de beperkingen en de belemmeringen heeft het gehaald!

De hele dag en avond door wordt er in groepen en groepjes overlegd. De Afrikaanse groep, de Latijns Amerikanen, de Arabische landen en de EU (waaronder wij) hebben vanavond doorvergaderd, en dat gaat morgenochtend verder.

Een aantal van de Nederlanders heeft al aangekondigd het morgenavond, áls het echt allemaal gelukt is en er ìs een verdrag, niet droog te zullen houden. Morgen het laatste bericht met tranen van vreugde of verdriet.


By on 04:40