vrijdag 4 september
Alweer de laatste officiële vergadering. In het ochtendprogramma vertellen de VN wat zij in eigen huis doen aan de implementatie van het Verdrag. Aan het woord komen mensen van het departement van economische en sociale zaken, van het hoge commissariaat van de rechten van de mens, van de ontwikkelingsorganisatie UNDP, en UNICEF. Met name de bijdrage van het hoge commissariaat van de rechten van de mens vind ik heel interessant. De spreker zet het Verdrag neer als een nieuwe manier van denken over mensenrechtenverdragen. Hij wijst op de eigen rol die de VN spelen het interpreteren van de artikelen uit het Verdrag. De VN ontwikkelen een soort gereedschapskist die de landen kunnen gebruiken om zelf de artikelen te vertalen naar de eigen praktijk.
Tussen de bedrijven door zetten we de gesprekken met de vertegenwoordigers van de Verenigde Staten voort. Ik blijf blij verrast over de open en positieve opstelling van de delegatie uit de VS.
Marcel Waasdorp van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat was gisteren bij de bijeenkomst over de bebouwde omgeving en toegankelijkheid. Hij gaf de volgende impressie: Global alliance on accessible technologies and environments(GAATES) organiseert en bezoekt internationale bijeenkomsten. GAATES adviseert,op uitnodiging,staten om kennis te verspreiden. Ze adviseren breed over de toegankelijkheid van de openbare ruimte,gebouwen en toegepaste communicatie/ informatietechnologie in gebouwen en buitenomgeving. Steeds vaker worden ze benaderd door projectontwikkelaars, architectenbureaus en overheden. De GAATES-aanpak is naast praktisch vooral filosofisch: het gaat niet om de tekening of het ontwerp, maar om de vertaling van de behoefte en mogelijkheden om infrastructuur in brede zin toegankelijk te maken. Hier is het motto, dat ook architecten zou moeten aanspreken, op zijn plaats: schoonheid ontstaat uit functie en gebruik (kijk naar de vogel waar geen veer te veel aan zit) en niet uit mooidoenerij. Speciale aandacht was er voor uitgankelijkheid met name in geval van calamiteiten.
Aan het eind van de vergadering sluit de voorzitter af met het uitspreken van veel dankwoorden. Hij kenschetst de conferentie als positief. Ook omdat er buiten de vergaderzaal veel contacten zijn gelegd. Hij vroeg het secretariaat van de vergadering de goede voorbeelden die genoemd zijn, te bundelen. Deze en alle nieuwe voorbeelden komen in een dynamische databank die de landen kunnen raadplegen. Een belangrijke vraag die aan het einde werd gesteld is: hoe kunnen wij elkaar blijven(d) versterken? De volgende bijeenkomst staat op de kalender voor volgend jaar september. Over de agenda is nog niets bekend.
Na het sluiten van de conferentie gaan we met de hele delegatie naar de pv om terug te blikken. Maar vooral om afspraken te maken over de verslaglegging. De bedoeling is dat alle hier niet aanwezige departementen ook kennis kunnen nemen van de informatie die we hier in New York bij de VN hebben opgedaan.
Gisteren noemde ik al even de lancering van ‘Making it work’. Eén van de doelstellingen van deze campagne is de ondersteuning van organisaties die zich inzetten voor mensenrechten van mensen met beperkingen op alle niveaus: landen, regio’s, steden en dorpen. Toen ik dit initiatief zag, realiseerde ik me dat er op zoveel fronten tegelijk moet worden gewerkt aan een inclusieve samenleving – zoals door Programma VCP met Agenda 22 al in een aantal gemeenten gebeurt.
Wat ik hier heb kunnen doen is lastig in hele concrete resultaten op een rij te zetten. Het duurt nog even voordat de vruchten hiervan geplukt kunnen worden. Met andere woorden, voordat Nederland geratificeerd heeft. Dat wil niet zeggen dat in de tussentijd niet heel veel gedaan kan worden. U kunt lokaal aan de slag, bijvoorbeeld door gemeenten te informeren over het VN Verdrag en de mogelijkheden die Agenda 22 biedt om nu al aan een inclusieve maatschappij te werken. Dit was alweer de laatste blog vanuit New York. Wie weet tot ziens.
